maandag 28 maart 2011

Cisco en Microsoft wijzen ECK de weg


Zoals Johan Cruyff altijd zegt: ‘da’s logisch' .

Zo logisch heb ik de doorkijk naar 21st century educatie ervaren bij het bezoek van Amerikaanse gasten enige weken terug, waarbij de learning experience zo goed als mogelijk afgestemd kunnen gaan worden aan de behoeftes van individuele leerling tijdens zijn of haar leerperiode (‘life long learning’). Anders gezegd: de optimale mix van gesloten en open leermateriaal om het individuele leerpad van een leerling te ondersteunen.

Met Amerikaanse gasten doel ik op het 3-daagse werkbezoek dat Diny Golder en Stuart Sutton, beide werkzaam bij de Achievement Standards Network van Jes&Co, hebben doorgebracht bij Kennisnet. Centraal in hun bezoek stond een presentatie voor de workshop van het project Arrangeren van ECK2 van projectleider Nico Verbeij op de dinsdag, maar daarnaast hebben Diny en Stuart - overigens zeer innemende mensen - uitgebreid gesproken met Jeroen Hamers, Leonie en Phil vanuit het Educational Linkedscape-project; met Frans Berkhof van SLO en met het Edurep-team van Wim en Theo.

Krachtpatsers als Microsoft en Cisco ontwikkelden de afgelopen decennia nieuwe technologie waar onvoldoende kennis voor aanwezig was om deze goed in te zetten. Daarom was het noodzakelijk om experts efficiënt en effectief op te leiden. Opleidingen als CCNA, CCDA en MCSE werden uit de grond gestampt, zonder historische ballast. Nauwkeurig werden in kleine stapjes de noodzakelijke onderdelen beschreven voor de leerlijn die leidde tot het diploma: benodigde theoretische kennis, competenties, praktische vaardigheden. Bij elk stapje hoorde een assesment waarvan de uitkomst bepalend is voor de volgende stap in de leerlijn: extra oefenstof, bijles door een peer-student, verandering van aanpak omdat een leerling veel visueler is ingesteld dan het gemiddelde, of een flinke stap voorwaarts omdat de leerling de materie eigenlijk al overziet.


Deze manier om de leerlijn op te zetten is de afgelopen 10 – 15 jaar door Achievement Standards network toegepast om opleidingen die al een veel langere historie hadden, te ontleden en inzichtelijk te maken. Dat leidde voor het voortgezet onderwijs van de 51 amerikaaanse staten tot - op dit moment – 350.000 (!!) learning outcomes of ‘achievement standards’: nauwkeurig gedefinieerde tussendoelen, vakinhouden of wat een tussenstapje dan ook beschrijft. Essentieel hierin is dat elke learning outcome uniek identificeerbaar is op het internet, en dat er een relatie gelegd kan worden tussen een learning outcome en bijv. een learning resource. Een relatie kan zijn: leerobject A (of: paragraaf 3.1) leidt op tot tussendoel 7.3, hetgeen beproefd kan worden met testje B. Granularity is hierbij een belangrijk begrip: de grootte van de stap die wordt beschreven. En de technologie die de hiervoor noodzakelijke flexibiliteit biedt: semantische web of web 3.0.

En dergelijke aanpak lijkt ook voorstelbaar in het Nederlandse onderwijs. Een schets: de neutrale kapstok van de leerlijn voor het vak Engels voor HAVO 2 wordt ontwikkeld door SLO. Deze kapstok bevat zo min mogelijk didactiek en keuzes voor het ‘hoe’ (volgorde of sequencing, methodiek, etc), maar bevat wel een nauwkeurige beschrijving van alle onderdelen van de leerlijn. Daarnaast kunnen uitgevers in hetzelfde domein eenzelfde nauwkeurige beschrijving van hun methode aanbieden, bijv. van de hand van de inhoudsopgave. Voordeel is dat deze zeer bekend is bij de docenten. Vervolgens kunnen relaties worden gelegd tussen een bepaalde paragraaf en bepaalde tussendoelen of vakinhouden, en ook met ander leermateriaal uit bijv. Wikiwijs of de collectie van SchoolTVBeeldbank. De waarde van de gelegde relatie wordt – net als in het echte leven – bepaald door de gebruiker en hangt oa. af van wie de betreffende relatie legt.

Welke voordelen kan dit opleveren? Voor de uitgever kan zijn veelgebruikte methode verantwoord worden aangevuld met nieuw materiaal van elders, bijv. een toepasselijk Teleblik-filmpje. Een klein stukje lesmateriaal voor een specifiek leerdoel kan nu verantwoord geklikt worden in de leerlijn . Een docent kan vanuit de formele leerlijn keuzes maken voor specifieke leerlingen in specifieke situaties. Een leerling kan …..

Het concept van informatie over een leerobject lijkt in bovenstaande werkwijze te veranderen: van centraal verzamelde metadata door de producent kan relevante informatie over het leerobject overal staan en door iedereen worden gecreëerd. Met inbegrip van bijv. het leerresultaat dat een specifieke leerling met een bepaalde achtergrond in een specifieke situatie heeft behaald met een stukje lesstof … maar dat lijkt nog écht toekomstmuziek.

Duidelijk is dat dit een open model is: wil je meedoen, dan bied je je leerlijn of je methode (bijv. de inhoudsopgave is al een eerste stap) of je stukje leermateriaal aan om mee te verbinden, om aan te relateren. Zodat docenten en leerlingen al navigerend de beste leerervaring kunnen creeren. En dat we dat willen lijkt me: logisch!

0 reacties:

Een reactie plaatsen